De diagnose


blog witte jas“Mijn bedrijfsarts wil graag een diagnose”. “Wat heb ik eigenlijk?”. “Ik heb euh, ja, hoe heet dat eigenlijk ook maar weer?”

Vandaag spreek ik een jonge vrouw die zegt dat ze “volgens haar psycholoog trouwens ook een eetstoornis heeft”. Ik vraag haar wat ze daar zelf van vindt want ze klinkt niet heel erg overtuigend. Nou, ze eet niet altijd even verantwoord, soms eet ze haar aardappels gefrituurd uit een zak. En soms slaat ze ook wel wat over. En soms moet ze op maandag opnieuw naar de winkel omdat de koeken voor die week op zondag eigenlijk al op waren. Ik merk dat ze wel vaak het woord ‘soms’ gebruikt. Mijn ervaring en mijn gevoel zeggen dat dit dus ‘vaak’ is. Cliënten zeggen in de eerste instantie meestal dat het probleem best meevalt. Dat zeg ik zelf trouwens ook vaak. Het gaat best goed met me, ook al zijn de kringen onder mijn ogen niet meer grijs maar zwart geworden. 

Maar afijn, ze vind het eetpatroon zelf geen probleem. En al helemaal geen stoornis. Uiterlijk lijkt er ook niet echt iets te zien van een verstoord eetpatroon. Goede bmi, ik word bijna jaloers. 

De diagnose. Met vragenlijsten, gesprekken en multidisciplinair overleg (het liefst zonder de betrokkende zelf) kijken we wat er aan de hand. Een eetstoornis. Een depressie. Een dysthyme stoornis. Een obsessief compulsieve stoornis. Wat overigens heel wat anders is dan een obsessief compulsieve persoonlijkheidsstoornis, zoals je begrijpt. Met dit soort termen snap ik wel dat de cliënt zelf zomaar vergeet wat ‘ie ook maar weer heeft. 

Een stoornis die iemand zelf niet (h)erkent maar wel voor behandeld moet worden, daar word het voor mij lastig. En ik vind het ook lastig wanneer een huis- of bedrijfsarts mij glazig aankijkt als ik zeg dat de persoon heel bang is, maar dat alles duidelijk lijkt te worden wanneer het een ongespecificeerde angststoornis heet. Ik ben bang dat ik dat niet goed kan volgen. Ik vind het lastig wanneer iemand een behandeling uitstippelt en de persoon daar niet in meeneemt. Iemand die niet start bij de persoon maar die moeilijke woorden gebruikt en daarmee voor bepaalt wat er gedaan moet worden. 

De diagnose. Schijnaar een onmisbaar onderdeel voor de behandelaar om de zorg te verantwoorden en te bepalen hoe vaak er waaraan gewerkt moet worden. En wanneer je klaar bent. Persoonlijk werk ik liever vanuit het verhaal van de cliënt. Zijn waarheid, haar probleem, de lastige dingen in het leven van die persoon. Dat lijkt mij een stuk werkbaarder dan onderworpen te worden aan de mening en visie van een (figuurlijke) witte jas. 

Maar misschien zegt dat alles over mij. Misschien heb ik gewoon ODD; een oppositioneel-opstandige stoornis. 

Reflaction

Straussplein 5
8031 AE Zwolle

 

Espelerweg 26
8303 HZ Emmeloord